Overslaan en naar de inhoud gaan

Na een carrière als uitgever begon de Deense Jussi Adler-Olsen in 1995 fulltime te schrijven. Hiervoor had hij in Denemarken al enkele boeken gepubliceerd, onder andere over Groucho Marx, een Amerikaans-Joodse komiek. Daarna volgden een aantal standalones, die ook in het Nederlands zijn vertaald. In 2007 verscheen het eerste deel van de serie Q, De vrouw in de kooi . De serie Q is verschillende keren verfilmd en met De noodkreet in de fles heeft hij de Glazen Sleutel gewonnen, de belangrijkste thrillerprijs in Scandinavië. Inmiddels is Adler-Olsen alweer toe aan het achtste deel, Slachtoffer 2117 en ter ere hiervan was hij kort in Nederland. Tijd voor een interview dus!

Wilde je altijd al schrijver worden?

“Ik heb zelf lange tijd als uitgever gewerkt en ik heb gezien wat het schrijverschap met een mens kan doen: schrijvers die op hun 54e uitgeblust zijn en soms zelfs vroegtijdig overlijden.” Jussi denkt terug aan vroeger en vertelt een belangrijke les die hij van zijn vader heeft meegekregen: “Op het gymnasium ben ik een jaar blijven zitten omdat ik met gitaar spelen bezig was. Ik schaamde me en biechtte aan mijn vader op wat er was gebeurd. Mijn vader moest lachen en zei dat ik nu wel een goede gitaarspeler was geworden en dat het jaar dus niet verloren was. Hij zei tegen me dat ik geluk had, want dat ik alles kon doen wat ik wilde. En dat heb ik gedaan. Maar ik heb zoveel gedaan, dat ik niet zeker was of schrijver zijn was wat ik ècht wilde zijn.” Na een trip met een goede vriend, waarin hij drie dagen spannende verhalen vertelde wist hij dat dit was wat hij wilde doen. Hij realiseerde zich dat hij over ieder onderwerp kon schrijven, maar hij koos het thrillergenre. Na zijn “pensioen” als uitgever schreef hij in 2005 zijn eerste thriller. “Het is een goede manier om gepensioneerd te zijn: je kunt in je pyjama schrijven, je hoeft ’s ochtends niet perse op te staan en je bent min of meer vrij.”

Waar schrijf je je boeken?

“Ik schrijf op een oud laptop dat ik zo vaak gekloond heb, dat ik op iedere plek een versie heb. Ik heb een zomerhuis in het noorden van Denemarken, vlak aan de kust. Ik heb een zomerhuis in Zweden en een appartement in Barcelona, waar we op dit moment wonen. Slachtoffer 2117 heb ik in Barcelona geschreven en ik kwam maar niet verder met de laatste 150 pagina’s. Totdat we in januari het fantastische nieuws kregen dat onze zoon vader zou worden. Dat gaf me zo’n energie dat ik meteen naar Berlijn ben gereisd om research te doen, heel februari heb ik geschreven en het boek was af! Inmiddels zijn we de trotse opa en oma van een kleindochter. Ik schrijf in Word Perfect 5.1, een heel oud systeem. Ik heb een goede bureaustoel en ik schrijf met een blauw scherm als achtergrond. Ik wil graag mijn ogen beschermen”, lacht Jussi.

Heb je voordat je gaat schrijven het hele boek al uitgestippeld?

“Ja, sterker nog, de plot van de drie hoofdpersonages heb ik in 2005 al gemaakt. Mijn doel was om de langstlopende serie crimeboeken te schrijven met een zich telkens ontwikkelend plot. Geheimen die worden aangestipt en die in latere boeken worden onthuld. Toen ik in 2005 de verhaallijn over Syrië bedacht, was er nog geen oorlog in het land. Dat veranderde later natuurlijk en daardoor moest ik mijn plot ook hier en daar veranderen.” In totaal zal de serie Q uit tien boeken gaan bestaan.

Hoe ben je op het karakter van Assad gekomen?

“Ik had mijn Amerikaanse vertaler en tevens een goede vriend al een hele tijd niet gezien. Op een gegeven moment had ik hem aan de telefoon en ik zei tegen hem dat ik hem miste en veel aan hem dacht. “Dat is toevallig”, antwoordde hij als grap, “ik denk ook altijd aan mezelf”. En met dat zinnetje kwam Assad in me op. Ik wilde een karakter creëren dat lezers niet mogen, maar waar ze tegelijkertijd van houden. Een karakter dat constant in ontwikkeling is, dat geheimen heeft en dat zeker geen stereotiep mag worden. Ik denk dat dat aardig gelukt is.”

Waarom vond je het belangrijk om in je laatste boek de vluchtelingencrisis aan te halen?

“We zijn lid van de Europese Unie en niemand binnen de Unie is het erover eens hoe de vluchtelingencrisis aangepakt zou moeten worden en dus laten we Griekenland, Spanje en Italië als het ware aan hun lot over. Er zou een veel betere registratie aan de grens moeten zijn. Het grootste probleem in de wereld is overigens niet de vluchtelingencrisis, niet de vervuiling maar de overbevolking. Iedere dag komen er 250.000 mensen op de wereld bij. Dat probleem moet aangepakt worden. In Slachtoffer 2117 wilde ik dit probleem vanuit een bepaald perspectief laten zien. Ik wilde laten zien dat een vluchteling niet zomaar een nummer is, maar dat er een verhaal achter schuilt. Bovendien paste het goed bij de verhaallijn over Syrië en het geeft een internationaal karakter aan het boek.”

Op welk boek ben je het meest trots?

“Ieder boek dat ik heb geschreven heeft iets waar ik trots op ben, maar als ik moet kiezen zou ik zeggen mijn eerste boek, Het alfabethuis. Ik heb hier zoveel research voor gedaan en het duurde zo lang om te schrijven, dat ik trots ben dat ik heb doorgezet, ondanks dat het in Denemarken in eerste instantie helemaal geen succes was. Het werd een bestseller in Spanje, in Nederland en in Noorwegen, maar Denemarken bleef een beetje achter.”

Stop je met schrijven als je de Q-serie hebt afgerond?

“Waarschijnlijk schrijf ik dan nog een standalone, of twee, maar ik zie mezelf niet als een schrijver die op zijn 85e nog aan het schrijven is. Het leven heeft zo veel mooie dingen te bieden: ik wil weer meer gitaar spelen, ik wil meer voetbal- en tenniswedstrijden zien en ik wil meer tijd doorbrengen met mijn gezin en familie.”

Heb je zelf tijd om te lezen?

“Dat is een gewetensvraag, want ik heb wel tijd om te lezen, maar ik lees al 15 jaar geen crimeboeken of thrillers. Ik lees graag absurdistische literatuur en dat komt vooral omdat ik dan niet aan het redigeren ben. Bij thrillers lees ik heel langzaam, omdat ik in mijn hoofd constant aan het herschrijven ben. Ik heb graag het gevoel dat ik origineel ben. Ik kijk wel graag televisie. Op dit moment kijken we naar de serie Trust en de klassiekers als Breaking bad en The wire heb ik allemaal gezien.” Verder vertelt Adler-Olsen ook nog dat er een televisieserie van de Q-serie gemaakt gaat worden en dat die hopelijk binnen twee/drie jaar op de Deense televisie te zien zal zijn.

Wat voor advies zou je aan beginnende schrijvers willen geven?

"Begin met het creëren van de karakters en besteed daar de nodige tijd aan. Het is belangrijk om de achtergrond van een personage te weten, al gebruik je het later niet in het boek. Voor Het alfabethuis heb ik 80 pagina’s achtergrondinformatie geschreven en uiteindelijk is niks daarvan in het boek gekomen. Zorg dat je karakter nieuw is en niet een mengelmoes van bestaande personen. Zorg dat je een korte synopsis van de plot hebt geschreven. Het belangrijkste advies dat ik kan geven is dat je erin moet geloven dat je lezers meer gelezen hebben dan jij en slimmer zijn dan jij bent. Geef dus niet alles weg als je aan het schrijven bent, maar laat wat te raden over voor de lezer."

Afbeelding
geen
Marinus van de Velde
Ik ben Marinus van de Velde, van bouwjaar 1984. Ik mag mezelf de eigenaar noemen van ThrillZone! Ik lees al van jongs af aan. Mijn interesses liggen breed; Scandi, Nederlandstalig, spionage, maar ik vind Baldacci en Lee Child bijvoorbeeld ook geweldig. Lezen voor ThrillZone betekent soms het oprekken van je comfortzone en dat lukt goed!

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.