Overslaan en naar de inhoud gaan
Afbeelding
De omslag afbeelding van het boek Agonie
Serie
Uitgeverij(en) Houtekiet
Jaar van uitgave
Thrillzone score
3
Review date 9 december 2020
Categories Nederlandstalig
Deel deze recensie
Christian de Coninck heeft met Agonie het veertiende deel afgeleverd met Stijn Goris en Stef Pauwels als hoofdpersonages. De Vlaamse auteur is, naast deze serie, sinds 2014 ook de auteur van historische misdaadromans die zich afspelen in en na de Eerste Wereldoorlog (lees hier onze recensies). Wat in beide series sterk aanwezig blijft, is de kennis over het Belgische politieapparaat. Dat is op zich niet zo verwonderlijk, want De Coninck is al sinds begin jaren '80 werkzaam bij de politie. Op zijn 26e jaar was hij al adjudant-commissaris en zo is hij doorgegroeid, totdat hij in 2000 werd hij voor de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken als woordvoerder.

Dit houdt dus in dat De Coninck de ins en outs van zowel de politie maar ook de ministeries weet en als hij later, in 2007, zijn eerste misdaadroman schrijft maakt hij dankbaar gebruik van deze kennis. Zeker in het begin van zijn schrijversloopbaan was deze format best wel succesvol. Sterker nog: van zijn eerste boek, De Praagse connectie, zijn de filmrechten verkocht. Op een vraag tijdens een interview hoe hij de politieagent in zijn boeken wil vormgeven, antwoorde hij:
“Politiemensen zijn geen robots of superflikken. Zij kennen emoties zoals iedereen. Gelukkig maar! Alleen zij moeten hun emoties aan de kapstok hangen, wanneer ze hun uniform aantrekken.”
En dat is wel een kenmerk wat De Coninck door heeft willen laten sijpelen in Agonie. Ook al is het gehele land in gevaar, de agent is ook maar een mens. En daar heeft hij natuurlijk wel gelijk in, maar in de manier waarop hij dit wil uiten en schiet hij zichzelf toch een beetje in de voet. De Coninck is teveel politieagent om afstand te nemen van zijn eigen verhaal. Hij vertelt Agonie niet als auteur, maar voornamelijk als woordvoerder van de politie. Dat kan je hem niet kwalijk nemen, want als je zo je best wil doen om juist niet als woordvoerder je gedachte op te schrijven, wordt het schrijven geforceerd en werkt dat tegendraads.

Brussel maakt zich op voor de nationale feestdag. Stijn Goris is verantwoordelijk voor de bewaking van het Paleizenplein. Dat is het centrale punt van het defilé. Een van de militairen, die het defilé mee organiseert, pleegt onverwacht zelfmoord, wat de uitvoering ernstig bemoeilijkt.

Ondertussen vinden in Brussel al enkele weken gewelddadige overvallen op apothekers plaats. Goris heeft een jonge officier met het onderzoek belast, maar wanneer de overvallers nog heftiger te werk gaan en er dodelijks slachtoffers vallen, neemt Stijn Goris zelf het heft in handen. Daarbij komt nog eens dat er overal in Brussel bombrieven ontploffen.

Stijn Goris en Stef Pauwels krijgen het tij maar niet gekeerd en wanneer de zelfmoord van de militair een moord blijkt te zijn, is het hek helemaal van de dam. Zijn al deze gebeurtenissen toeval of is er iets groters aan de hand?

Een van de kenmerken van een goede misdaadroman is dat je als lezer als het ware direct in het verhaal getrokken wordt, alsof je onderdeel ben van het geheel. Bij Agonie is dat gevoel niet aanwezig. Het is alsof je als lezer van een afstand het verhaal beleeft, waardoor de betrokkenheid niet zo groot is.

Wat De Coninck wel gewoon goed voor elkaar heeft zijn de personages die in zijn boeken de hoofdrol spelen. Als je niet eerder een boek van hem gelezen zou hebben is het niet heel ingewikkeld om een beeld te krijgen van Goris en Pauwels en het verhaal is dan ook prima te lezen zonder de andere delen. Taalkundig zit het verhaal ook gewoon prima in elkaar, hier en daar wat Vlaamse kenmerken, maar daar is prima uit te komen, ook als je boven Vlaanderen woont.

Waar De Coninck te veel wil compenseren is, zoals hij in het antwoord in het interview al aangaf, dat hij agenten vooral ook als mensen wil zien. En dat is natuurlijk altijd prima, maar dan moet dit wel in harmonie gaan met wat hij wil vertellen. Vaak wil hij het feit dat hij de politiepet op heeft te graag wilt compenseren met zaken die niet van belang zijn voor het verhaal. Zoals dat een aantal maal de hoofdpersonages aan elkaar vragen wat ze die avond gaan eten, wat geen enkele relevantie heeft, maar voor de auteur waarschijnlijk van belang is om een evenwicht te zoeken in zijn boek en daar staan nog een aantal van deze verwijzingen in het boek.

Dit boek is voor een paar avonden prima om te lezen, maar het laat niet echt een indruk achter op de lezer. Dat heeft niets te maken met de schrijfstijl van De Coninck, want hij weet goed een verhaal op papier te zetten, maar weet niet goed om de juiste sfeer te pakken die bij zijn boek hoort. De dreiging die hier wordt opgevoerd is best beangstigend maar als lezer heb je niet dat gevoel tijdens het lezen. Dit bevestigt dat men niet echt een band krijgt met het verhaal en niet meegetrokken wordt naar het Paleizenplein om de ontknoping van het verhaal intens mee te maken. Het is alsof je in een helikopterview het geheel aan je voorbij ziet trekken.

Christian De Coninck is er met Agonie niet in geslaagd om een beangstigende dreiging om te zetten in een pakkend verhaal en de lezer er bij zijn lurven bij te betrekken.
Afbeelding
geen
Marinus van de Velde
Ik ben Marinus van de Velde, van bouwjaar 1984. Ik mag mezelf de eigenaar noemen van ThrillZone! Ik lees al van jongs af aan. Mijn interesses liggen breed; Scandi, Nederlandstalig, spionage, maar ik vind Baldacci en Lee Child bijvoorbeeld ook geweldig. Lezen voor ThrillZone betekent soms het oprekken van je comfortzone en dat lukt goed!

Wat vinden lezers...

Lezersscore
0
Christian de Coninck heeft met Agonie het veertiende deel afgeleverd met Stijn Goris en Stef Pauwels als hoofdpersonages. De Vlaamse auteur is, naast deze serie, sinds 2014 ook de auteur van historische misdaadromans die zich afspelen in en na de Eerste Wereldoorlog (lees hier onze recensies). Wat in beide series sterk aanwezig blijft, is de kennis over het Belgische politieapparaat. Dat is op zich niet zo verwonderlijk, want De Coninck is al sinds begin jaren '80 werkzaam bij de politie. Op zijn 26e jaar was hij al adjudant-commissaris en zo is hij doorgegroeid, totdat hij in 2000 werd hij voor de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken als woordvoerder.

Dit houdt dus in dat De Coninck de ins en outs van zowel de politie maar ook de ministeries weet en als hij later, in 2007, zijn eerste misdaadroman schrijft maakt hij dankbaar gebruik van deze kennis. Zeker in het begin van zijn schrijversloopbaan was deze format best wel succesvol. Sterker nog: van zijn eerste boek, De Praagse connectie, zijn de filmrechten verkocht. Op een vraag tijdens een interview hoe hij de politieagent in zijn boeken wil vormgeven, antwoorde hij:
“Politiemensen zijn geen robots of superflikken. Zij kennen emoties zoals iedereen. Gelukkig maar! Alleen zij moeten hun emoties aan de kapstok hangen, wanneer ze hun uniform aantrekken.”
En dat is wel een kenmerk wat De Coninck door heeft willen laten sijpelen in Agonie. Ook al is het gehele land in gevaar, de agent is ook maar een mens. En daar heeft hij natuurlijk wel gelijk in, maar in de manier waarop hij dit wil uiten en schiet hij zichzelf toch een beetje in de voet. De Coninck is teveel politieagent om afstand te nemen van zijn eigen verhaal. Hij vertelt Agonie niet als auteur, maar voornamelijk als woordvoerder van de politie. Dat kan je hem niet kwalijk nemen, want als je zo je best wil doen om juist niet als woordvoerder je gedachte op te schrijven, wordt het schrijven geforceerd en werkt dat tegendraads.

Brussel maakt zich op voor de nationale feestdag. Stijn Goris is verantwoordelijk voor de bewaking van het Paleizenplein. Dat is het centrale punt van het defilé. Een van de militairen, die het defilé mee organiseert, pleegt onverwacht zelfmoord, wat de uitvoering ernstig bemoeilijkt.

Ondertussen vinden in Brussel al enkele weken gewelddadige overvallen op apothekers plaats. Goris heeft een jonge officier met het onderzoek belast, maar wanneer de overvallers nog heftiger te werk gaan en er dodelijks slachtoffers vallen, neemt Stijn Goris zelf het heft in handen. Daarbij komt nog eens dat er overal in Brussel bombrieven ontploffen.

Stijn Goris en Stef Pauwels krijgen het tij maar niet gekeerd en wanneer de zelfmoord van de militair een moord blijkt te zijn, is het hek helemaal van de dam. Zijn al deze gebeurtenissen toeval of is er iets groters aan de hand?

Een van de kenmerken van een goede misdaadroman is dat je als lezer als het ware direct in het verhaal getrokken wordt, alsof je onderdeel ben van het geheel. Bij Agonie is dat gevoel niet aanwezig. Het is alsof je als lezer van een afstand het verhaal beleeft, waardoor de betrokkenheid niet zo groot is.

Wat De Coninck wel gewoon goed voor elkaar heeft zijn de personages die in zijn boeken de hoofdrol spelen. Als je niet eerder een boek van hem gelezen zou hebben is het niet heel ingewikkeld om een beeld te krijgen van Goris en Pauwels en het verhaal is dan ook prima te lezen zonder de andere delen. Taalkundig zit het verhaal ook gewoon prima in elkaar, hier en daar wat Vlaamse kenmerken, maar daar is prima uit te komen, ook als je boven Vlaanderen woont.

Waar De Coninck te veel wil compenseren is, zoals hij in het antwoord in het interview al aangaf, dat hij agenten vooral ook als mensen wil zien. En dat is natuurlijk altijd prima, maar dan moet dit wel in harmonie gaan met wat hij wil vertellen. Vaak wil hij het feit dat hij de politiepet op heeft te graag wilt compenseren met zaken die niet van belang zijn voor het verhaal. Zoals dat een aantal maal de hoofdpersonages aan elkaar vragen wat ze die avond gaan eten, wat geen enkele relevantie heeft, maar voor de auteur waarschijnlijk van belang is om een evenwicht te zoeken in zijn boek en daar staan nog een aantal van deze verwijzingen in het boek.

Dit boek is voor een paar avonden prima om te lezen, maar het laat niet echt een indruk achter op de lezer. Dat heeft niets te maken met de schrijfstijl van De Coninck, want hij weet goed een verhaal op papier te zetten, maar weet niet goed om de juiste sfeer te pakken die bij zijn boek hoort. De dreiging die hier wordt opgevoerd is best beangstigend maar als lezer heb je niet dat gevoel tijdens het lezen. Dit bevestigt dat men niet echt een band krijgt met het verhaal en niet meegetrokken wordt naar het Paleizenplein om de ontknoping van het verhaal intens mee te maken. Het is alsof je in een helikopterview het geheel aan je voorbij ziet trekken.

Christian De Coninck is er met Agonie niet in geslaagd om een beangstigende dreiging om te zetten in een pakkend verhaal en de lezer er bij zijn lurven bij te betrekken.

Write your review!

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.